słownik polsko - niderlandzki

język polski - Nederlands, Vlaams

dziwny po niderlandzku:

1. vreemd


Zijn verhaal is vreemd, maar geloofwaardig.
Er werd onlangs een vreemd zeedier gevonden.
Dat is vreemd.
vreemde talen, landen; dat is vreemd
Vreemd eten smaakt lekker.
Aan een vreemd lichaam voelt men geen pijn.
Majoeko heeft vreemd gedroomd.
Vreemd genoeg faalde hij.
Ik heb vreemd gedroomd afgelopen nacht.
Ik weet niets over hun vlucht naar een vreemd land.
Vreemd dat niemand ons kent.
Het is vreemd dat de postbode nog niet gekomen is.

Niderlandzkie słowo "dziwny" (vreemd) występuje w zestawach:

300 określeń po niderlandzku 51 - 100
Sprawy urzędowe
Nowa książka