słownik polsko - niderlandzki

język polski - Nederlands, Vlaams

palić po niderlandzku:

1. roken roken


Wil je alsjeblieft niet roken in deze kamer?
Roken jullie?
Uiteindelijk beslisten de twee Indiaanse stamhoofden de strijdbijl te begraven en de vredespijp te roken.
Bill is met roken gestopt.
Hij stopte met roken op advies van zijn dokter.
Mijn broer heeft mij aangeraden met roken te stoppen.
Volgens een studie sterven elk jaar 53.000 Amerikanen aan de gevolgen van passief roken.
Jouw hoest is het gevolg van roken.
Roken schaadt de gezondheid.
Hij heeft verschillende keren geprobeerd van het roken af te raken, maar het is niet gelukt.
Er wordt dikwijls op gewezen dat roken een gezondheidsrisico inhoudt.
Roken is toegestaan.
Nu denk eraan dat ge niet moogt roken in zijn auto.
Wilt ge roken?
Ik mag niet roken.

Niderlandzkie słowo "palić" (roken) występuje w zestawach:

500 czasowników po niderlandzku 51 - 100
czasowniki pl - nd