słownik polsko - niderlandzki

język polski - Nederlands, Vlaams

róznorodny po niderlandzku:

1. verschillend verschillend


Ik heb dit overhemd in twee verschillende kleuren.
De gebruikte methoden om stress te verwerken zijn verschillend van man tot vrouw: mannen zoeken hun toevlucht hoofdzakelijk in alcohol, terwijl vrouwen hun stress verwerken door te chatten.
We leven allemaal onder dezelfde hemel, maar onze horizon is verschillend.
Het eten in mijn land is niet erg verschillend van dat in Spanje.
Maar mensen zijn verschillend.
De Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk hebben verschillende gebarentalen. De Mexicaanse Gebarentaal is eveneens verschillend van de Spaanse Gebarentaal.