słownik polsko - niderlandzki

język polski - Nederlands, Vlaams

właściwie po niderlandzku:

1. eigenlijk


Hij denkt dat hij iemand is, maar eigenlijk is hij niemand.
Eigenlijk is het uw fout.
Waar woont gij eigenlijk?
Hippopotomonstrosesquipedaliofobie is een lang woord, hè? "Ja, maar weet je wat het betekent?" "Nee, eigenlijk niet." "Het betekent angst voor lange woorden." "Wat ironisch."
Susan is eigenlijk je halfzus.
Eigenlijk is er geen stam, voorvoegsel, achtervoegsel of uitgang... in het Esperanto is er enkel een als stam, voorvoegsel, achtervoegsel of uitgang gebruikt woordelement.
Eigenlijk moet ik Engels leren, maar ik zou graag een film kijken.
Eigenlijk zou je een verstandig iemand moeten zijn!
Eigenlijk wilde ik een jonkvrouw zijn in een toren die bewaakt wordt door zeven draken, en dan zou een prins op een wit paard alle draken hun kop afhakken en mij bevrijden.
O, het is veel meer, glimlachte Dima. "Maar eigenlijk is dit een collect call. Dus jij bent de noob, want jij betaalt."
Ik heb een Engelse naam maar ik ben eigenlijk Duitser.
Als je op de tekst van het liedje let, dan gaat het eigenlijk nergens over.
Mary ziet er niet erg vriendelijk uit, maar eigenlijk is ze goedhartig.
De eerste Esperantovertalingen waren eigenlijk al volbracht vóór de publicatie van het Esperanto zelf!
Ik... dat weet ik eigenlijk ook niet, gaf Dima toe. "Soms slaat dit verhaal echt helemaal nergens op."

Niderlandzkie słowo "właściwie" (eigenlijk) występuje w zestawach:

Pomieszczenia w mieszkaniu