słownik polsko - niderlandzki

język polski - Nederlands, Vlaams

brzeg po niderlandzku:

1. kust kust


Dat eiland bevindt zich op vijf kilometer van de kust.
Later, toen ze weg waren gegaan, was er geen levende ziel meer te bekennen op de kade, de stad met zijn cipressen leek totaal uitgestorven, maar de zee bruiste nog en sloeg tegen de kust.

Niderlandzkie słowo "brzeg" (kust) występuje w zestawach:

Słownictwo plażowe po holendersku