słownik polsko - niderlandzki

język polski - Nederlands, Vlaams

list po niderlandzku:

1. de brief de brief



Niderlandzkie słowo "list" (de brief) występuje w zestawach:

1000 rzeczowników po niderlandzku 151 - 200

2. brief brief


Hij schrijft zijn ouders in ieder geval minstens een brief per maand.
Wiens brief is dit?
Het is leuk om iedere maand een door hem gestuurde brief te lezen.
Ik schrijf geen brief.
Een brief beginnen is altijd moeilijk.
Volgens mij ligt uw brief onder dat boek.
Aan het eind van het pad stond een brievenbus. Op een dag lag er een spannende brief in en die was voor mij.
Ik schrijf een lange brief naar jou, omdat ik geen tijd heb om een korte te schrijven.
Mijn brief bleef onopgemerkt.
De datum en het adres schrijft men gewoonlijk bovenaan de brief.
Wie neemt nog tijd voor een lange brief aan een vriend?
Uw brief heeft mij gelukkig gemaakt.
De brief was om haar te laten weten dat hij ziek geweest was.
Erg bedankt voor uw brief.
Ik loop even naar de brievenbus om een brief te posten, hoor. Tot zo.

Niderlandzkie słowo "list" (brief) występuje w zestawach:

holenderski 2