słownik polsko - niderlandzki

język polski - Nederlands, Vlaams

waga po niderlandzku:

1. de weegschaal de weegschaal



Niderlandzkie słowo "waga" (de weegschaal) występuje w zestawach:

kurs2 lekcja7/3

2. weegschaal



Niderlandzkie słowo "waga" (weegschaal) występuje w zestawach:

holenderski 2

3. gewicht


Heeft u gewicht verloren?
Tweehonderdvijftig kilogram is zelfs voor een sumoworstelaar een buitengewoon gewicht.
Het ijs op het meer is te dun om uw gewicht te dragen.
Ik heb geen gewicht verloren.
Ik maak me veel zorgen over mijn gewicht.
Ik let op mijn gewicht.
Wat is het gewicht van je aktetas?
Maak je boekentas a.u.b. wat lichter, haar gewicht zal je schouder doen lijden.
Probeer gewicht te verliezen door te joggen.
De bamboe buigt onder het gewicht van de sneeuw.
Een stevige constructie moet weerstaan aan krachten van winden, aardbevingen, tsunami's, zelfs van bommen, en natuurlijk het gewicht van sneeuw in landen, waar het soms sneeuwt. Bovendien mag ze niet vernield worden door zure regen.
Het is niet nodig dat ge gewicht bijkrijgt.
Het ijs zal breken onder je gewicht.

4. balans


Het leven is als fietsen. Om in balans te blijven moet je in beweging blijven.

5. het gewicht



Niderlandzkie słowo "waga" (het gewicht) występuje w zestawach:

1000 rzeczowników po niderlandzku 301 - 350