słownik polsko - niderlandzki

język polski - Nederlands, Vlaams

żelazo po niderlandzku:

1. ijzer ijzer


Goud is zwaarder dan ijzer.
't Is lood om oud ijzer.
IJzer is een nuttig metaal.
Men moet het ijzer smeden als het heet is.
Hout drijft, maar ijzer zinkt naar beneden.
Men kan geen ijzer met handen breken.
Smeed het ijzer terwijl het heet is.
Staal is een legering van ijzer en koolstof.
Deze vaas is van ijzer.

Niderlandzkie słowo "żelazo" (ijzer) występuje w zestawach:

słówka zo gezegd 1 i 2