słownik polsko - niderlandzki

język polski - Nederlands, Vlaams

wcześniej po niderlandzku:

1. eerder


dat je eerder eenzaam bent als...
Vandaag ga ik weer naar een wedstrijd, alleen dan eerder dan gisteren.
Ik heb nooit eerder daaraan gedacht.
Hebben wij elkaar niet al eerder ontmoet?
Ze zou nog eerder zinnen op Tatoeba vertalen, dan met mij te kletsen.
Kinderen imiteren eerder hun vrienden dan hun ouders.
Ik herkende de leerkracht onmiddellijk, want ik had hem al eerder ontmoet.
Ik maak verre reizen, zie vreemde landen, doe dingen die ik nooit eerder deed.
Hij zei dat hij eerder naar huis ging omdat hij moe was.
We zullen eerder opstaan.
Hoe eerder je het doet, hoe beter.
Dat is allemaal al eens eerder gebeurd, en het zal opnieuw gebeuren.
Alleen genieters fietsen en komen altijd eerder aan.
Zijn geheugenverlies is eerder een psychische dan een fysieke beperking.
Het is eerder gecompliceerd.

Niderlandzkie słowo "wcześniej" (eerder) występuje w zestawach:

Niuews van de week
dutch tem Rataj1

2. vroeger


Vroeger werden veel producten per boot getransporteerd.
Hoe vroeger, hoe beter.
Vroeger duurde een reis naar Amerika vele weken.
Vroeger, toen we nog guldens hadden, was alles veel goedkoper dan nu met de euro.
Vroeger was ze een schoonheid.
Op zolder stonden dozen met allerlei speelgoed van vroeger en spullen die misschien ooit nog van pas zouden komen.
Zijt ge vroeger al in Italië geweest?
Moeder staat vroeger op dan alle anderen van de familie.
Vroeger speelde ik met mijn zus in het park.
Vroeger vroegen de kleintjes me een schaap voor ze te tekenen, nu willen ze dat ik ze leer hoe je een commit doet. Tijden veranderen.
Vroeger wist ik niet waar de eeuwigheid goed voor was. Maar ze is nodig om ons tenminste enige kans te geven om Duits te leren.
Hoe vroeger ik 's nachts ga slapen, hoe vroeger ik 's morgens opsta.
Vroeger, toen ik nog op turnen zat, heb ik ooit eens mijn enkel verstuikt toen ik alleen een flikflak probeerde te doen. Ik had dat nog nooit alleen gedaan, maar ik durfde geen hulp te vragen, omdat ik net in een nieuwe groep zat en nog niemand kende.
In de kamer staan bedden, vastgeschroefd aan de vloer. Daarop zitten en liggen mensen in blauwe ziekenhuiskleding en net als vroeger met mutsjes op. Dat zijn de gekken.
Wie de goden liefhebben, die sterft jong, werd in vroeger dagen gezegd.