słownik angielsko - niderlandzki

English - Nederlands, Vlaams

loud po niderlandzku:

1. hard hard


Goede studenten studeren hard.
Ga niet naar buiten, het regent hard.
Het is een goed idee zich te bedekken als de zon zo hard schijnt.
Hoe hard je het ook probeert, Engels leer je niet in twee, drie maanden.
Van hard werken is nog nooit iemand dood gegaan. Maar waarom het risico nemen?!
Ge hebt maanden hard gewerkt, en ge verdient zeker een vakantie.
Het geluid staat erg hard.
Ik kan net zo hard rennen als Bill.
Ik werkte de hele dag hard, dus ik was erg moe.
Het regende hard de hele dag door.
Het leven is hard, maar ik ben harder.
Hoe hard je ook "Oe-oe!" roept, in een wolf verander je toch niet.
Ze sloeg hard op de bal.
Hij werkt hard om zijn groot gezin te onderhouden.
Werk heel hard.

Niderlandzkie słowo "loud" (hard) występuje w zestawach:

Engels hoofdstuk 5

2. luid luid


Luid geklop op de deur maakte hem wakker.
De jongeren spraken luid onder elkaar en letten niet op de mensen rondom hen.
De radio staat te luid. Kunt ge hem niet wat stiller zetten?
Hij riep luid om hulp.
Toen zij haar moeder zag, begon zij luid te schreeuwen.
Ze spreekt luid.
Tijdens zijn slaap snurkte hij luid.
Ik sprak zo luid dat iedereen mij kon horen.

Niderlandzkie słowo "loud" (luid) występuje w zestawach:

slowka eelleleelele